
Een afgelegen woonhuis vraagt om een bijzondere aanpak.
De potentiële inbreker, heeft waarschijnlijk al wat tijd en moeite geïnvesteerd om bij uw huis te komen, en zal daarom ook wat meer tijd besteden aan het daadwerkelijke inbreken. Inbraakwerend hang- en sluitwerk alleen zal in de meeste gevallen daarom onvoldoende zijn om de inbreker buiten te houden.
Licht verhoogt de kans op ontdekking, mits de verlichte gebieden zichtbaar zijn voor anderen. In uw geval zal het effect dus beperkt zijn.
Zorg dat buren en passanten goed zicht hebben op uw huis, zorg ervoor dat inbrekers door hekken en begroeiing niet ongezien kunnen werken.
Inbrekers hebben een vluchtmogelijkheid nodig. Als u dus maar één toegankelijke ingang heeft tot uw terrein bent u in het voordeel. Hekwerken, sloten, dichte struiken e.d. kunnen hiervoor gebruikt worden.
Afhankelijk van de situatie, heeft u hang en sluitwerk nodig, wat minimaal 3 of 5 minuten stand houdt tegen de inbreker met eenvoudig gereedschap. (schroevendraaiers, breekijzer, boormachine enz.) Hoewel we het noemen, en de waarde niet onderschat mag worden, zal het effect in uw situatie waarschijnlijk beperkt zijn.
Voor uw situatie, is dit waarschijnlijk een goede oplossing. Door het alarmsysteem zal de inbreker slechts een beperkte tijd hebben bij het verzamelen van de buit. Dit in relatie tot de moeite die hij ervoor moet doen, zal hij in veel gevallen afzien van een poging. Of bij een inbraak direct of vrij snel uw huis verlaten.
Om te bepalen wat u nodig heeft, kunt u gebruik maken van de richtlijnen van het nationaal centrum voor Preventie. Houdt er hierbij wel rekening mee, dat dit zeer globale richtlijnen zijn. Met de bijzondere ligging van uw woonhuis is geen rekening gehouden.
Inbraakpreventie begint bij een goede bouwkundige beveiliging van de woning.
Onder andere door het toepassen van inbraakwerend hang- en sluitwerk. Maar dat
alleen is niet voldoende. Het moet ook goed gebruikt worden en zo zijn er
verschillende andere 'organisatorische' maatregelen die het de inbreker moeilijk
maken of hem al bij voorbaat ontmoedigen. En als de woning behoort tot een hogere
risico-categorie is een aanvulling vereist in de vorm van een elektronisch
alarmsysteem.
Bij inbraakpreventie gaat het dus om de juiste combinatie van maatregelen die
precies zijn afgestemd op de situatie. De inbraakgevoeligheid van de woning
wordt hoofdzakelijk bepaald door de aanwezigheid van - voor de inbreker -
attractieve zaken. Hoe groter de verwachte buit, hoe meer de inbreker zijn best
zal doen om binnen te komen. En dus: hoe zwaarder beveiligd moet worden.
De complete bouwkundige beveiliging van een woning tegen inbraak moet echt alle inbraakgevoelige onderdelen omvatten die voor inbrekers bereikbaar zijn. Dit zijn dus alle buitendeuren, ramen, lichtkoepels en dakramen en eventuele andere zwakke plekken. Houd er rekening mee dat de inbreker (of zijn maatje) voor het 'opklimmen' gebruik maakt van allerlei aanwezige mogelijkheden, zoals afvalcontainers, regenpijpen, kappen van zonweringen, daken van uitbouwen of schuttingen. En zelfs een tijdelijke mogelijkheid, zoals de steiger of de trap van een schilder, kan uitnodigen om het eens 'hoger op' te zoeken! Alle reden dus om behalve deuren en ramen op de begane grond ook ramen en balkondeuren op verdiepingen - voor zover die bereikbaar zijn voor inbrekers - te beveiligen. Voor al deze 'gevelelementen' is kwalitatief goed inbraakwerend hang- en sluitwerk op de markt. Behalve goede sloten moeten ramen en deuren ook voorzien zijn van dievenklauwen of -pinnen aan de scharnierzijde. Hierdoor kan het raam of de deur aan die kant niet geopend worden. Zo zijn er nog talloze andere beveiligingsproducten op de markt, van verschillende kwaliteit en sterkte. Want zodra duidelijk is welke gevel- en dakopeningen beveiligd dienen te zijn tegen inbraak, moet worden vastgesteld hoe zwaar de beveiliging moet worden uitgevoerd. Hiervoor heeft het Nationaal Centrum voor Preventie een 'risicoklasse-indeling' ontwikkeld voor het woonhuis.
Het meest geliefde doelwit voor inbrekers vormen zaken die makkelijk zijn mee te nemen en die 'snel' geld opleveren. Tot deze attractieve zaken behoren onder meer: sieraden, geld en geldswaardepapieren, beeld-, geluids- en computerapparatuur, antieke voorwerpen en waardevolle verzamelingen. Ga altijd na in hoeverre deze aanwezig zijn. En of het mogelijk is om ze op te bergen in een safe-loket of in een inbraakwerende vloer- of muurkluis. Voor gebruik in huis zijn diverse modellen te verkrijgen. De toepassing van een dergelijke kluis is zelfs noodzakelijk zodra een bepaalde waarde wordt overschreden.
Voor de hogere risico-categorieën vormt een inbraaksignaleringssysteem een
noodzakelijke aanvulling op de bouwkundige en organisatorische maatregelen. Zo'n
installatie - gemakshalve ook wel alarmsysteem genoemd - bestaat uit een
centrale waarop een aantal detectoren zijn aangesloten. Zodra één van de
detectoren een inbraak of een poging daartoe signaleert, wordt een alarmsignaal
doorgestuurd naar een Particuliere Alarm Centrale (PAC), van waaruit verdere
actie wordt ondernomen.
Het ontwerpen en aanleggen van een effectief en kwalitatief goed alarmsysteem is
werk voor de beveiligingsvakman. Hij maakt daarbij gebruik van kwalitatief goede
componenten en stemt het ontwerp van de installatie af op de
(leef)omstandigheden in de woning. Bedenk daarbij dat elk systeem onderhoud
vergt. Het afsluiten van een onderhoudscontract is dan ook van groot belang voor
het storingsvrij functioneren.
Er zijn tal van organisatorische maatregelen die het de inbreker moeilijk maken of die hem soms al van te voren doen besluiten om van een poging tot inbraak af te zien.
Voor het bepalen van de inbraakgevoeligheid van een woning heeft het Nationaal
Centrum voor Preventie de 'risicoklasse- indeling' ontwikkeld, waarbij de
inbraakgevoeligheid van een woning wordt gemeten aan de hand van:
| waarde inboedel | risicopunten |
|---|---|
| < ƒ 150.000,- | 5 |
| ƒ 150.000 - tot ƒ 200.000,- | 10 |
| ƒ 200.000,- tot ƒ 500.000,- | 15 |
| > ƒ 500.000,- | 30 |
| waarde attractieve zaken *) | risicopunten |
|---|---|
| < ƒ 25.000,- | 2 |
| ƒ 25.000,- tot ƒ 40.000,- | 5 |
| ƒ 40.000,- tot ƒ 60.000,- | 10 |
| ƒ 60.000,- tot ƒ 80.000,- | 15 |
| ƒ 80.000,- tot ƒ 100.000,- | 20 |
| > ƒ 100.000,- | 25 |
Attractieve zaken opgeborgen in een inbraakwerende kast of kluis tellen bij deze
puntenbepaling niet mee.
Voor geld en kostbaarheden, zoals sieraden en postzegel- en muntenverzamelingen,
met een waarde van meer dan
ƒ 25.000,- dient altijd een geschikte (vloer)kluis of inbraakwerende
kast geïnstalleerd te zijn. Raadpleeg hiervoor uw verzekeraar of
assurantie-adviseur.
Het totale aantal risicopunten bepaalt de indeling in één van de vier
risicoklassen en bij iedere risicoklasse hoort een 'beveiligingsklasse', volgens
onderstaand schema.
| Beveiligingsklassen | |||
|---|---|---|---|
| risicopunten | risicoklasse | beveiligingsklasse | |
| 7 - 14 | 1 | Bs | - |
| 15 - 24 | 2 | Bn | of Bs + Es |
| 25 - 29 | 3 | Bn + En | - |
| 30 en meer | 4 | Bz + En | of Bn + Ez |
| Bouwkundige maatregelen (B-maatregelen) |
|
|---|---|
Bs = |
Het 'start'-niveau voor de bouwkundige inbraakpreventieve maatregelen. Deze zorgen voor een zekere tijdvertraging voor de inbreker. |
Bn = |
In aanvulling op Bs worden hierbij een aantal extra maatregelen getroffen. De benodigde tijd voor een geslaagde inbraak wordt hierdoor aanzienlijk verlengd. |
Bz = |
Hierbij worden de onder Bn vereiste maatregelen aangevuld met nadere eisen voor de glasafscherming van gevelopeningen, zoals de toepassing van inbraakwerende beglazing. |
| Elektronische
maatregelen (E-maatregelen) |
|
|---|---|
Es = |
Dit is het 'start'-niveau, waarbij de maatregelen met name bestaan uit de toepassing van een inbraaksignaleringssysteem, waarbij het ontwerp speciaal dient te zijn toegespitst op de te beveiligen woning. |
En = |
Als Es, echter met componenten van een hoger kwaliteitsniveau. Daarnaast wordt door de particuliere alarmcentrale (PAC) geregistreerd of het systeem binnen vastge stelde tijdsgrenzen is ingeschakeld. |
Ez = |
De onder En vereiste maatregelen worden bij Ez voor woningen met meer dan 35 risicopunten aangevuld met een alarmtransmissiesysteem met voortdurende monitoring van het functioneren van het geheel door de PAC. Tevens dient de alarmopvolging te zijn geregeld via een door het ministerie van Justitie erkend particulier beveiligingsbedrijf. |
![]() |
Weet u wat u hebben wilt, kijk dan in onze winkel voor: |
Natuurlijk kunnen wij u ook persoonlijk advies geven;
|
![]() |
![]() |
![]() |
Inbraakpreventie voor andere objecten:
|